Recensie Kerk in Stad

Recensie DC in Kerk in Stad

Boekrecensie door Sybren Sybrandy in: Kerk in Stad, 
Informatie- en opinieblad van de protestantse gemeente Groningen, 
6 juli 2012
 

Twee jaar geleden verscheen de Doornse Catechismus, met als ondertitel: oude vragen, nieuwe antwoorden. Het was geschreven door dertien dominees behorend tot de ‘predikantenbeweging’ Op Goed Gerucht. Het boek heeft inderdaad de structuur van de Heidelbergse catechismus: tweeënvijftig vragen en antwoorden, elk van ongeveer twee tot drie bladzijden. Elk ‘antwoord’ bestaat uit twee delen: het eerste is vooral theologisch en informatief, het tweede lyrisch en spiritueel, en nodigt zo ook uit tot verder nadenken en mediteren. Het boek was een bestseller en beleefde zeven drukken, in mijn ogen volkomen terecht.

Nu is onlangs, op de zesentwintigste studiedag van Op Goed Gerucht op 8 juni een tegenhanger gepresenteerd, het praktische zusje, zoals het genoemd wordt. De titel is Doornse Levenskunst, met als ondertitel: Mooi, goed en waarachtig leven. Doorn wordt misschien als villadorp geassocieerd met het goede leven maar het is gewoon de vestigingsplaats van het conferentieoord Hydepark, waar Op Goed Gerucht zijn conferenties houdt. Een knipoog in de titel dus.

In het voorwoord wordt verzet aangetekend tegen de misvatting dat het in de Bijbel en in de kerk vooral over het leven na de dood zou gaan. De theologen van Op Goed Gerucht gaat het juist om de relatie tussen geloof en leven, tussen geloof en cultuur. Ook kunnen zij zich allen vinden in een hang naar ‘meer creativiteit, lef, spiritualiteit en humor in de kerk’.

Net als de catechismus is dit boek weer ingedeeld in tweeënvijftig hoofdstukken, waarbij in het eerste het ‘geleefde’ leven en in het tweede het ‘doordachte’ leven centraal staat, dus eerst de praktijk en dan de Bijbelse en theologische theorie. Een beetje een onhandige volgorde, lijkt het, als men tenminste uitgaat van het aloude adagium ‘Bezint eer gij begint’. Maar je kunt het ook anders bezien: door de uit het leven gegrepen praktijk wordt je belangstelling juist gewekt voor de achterliggende en dieper gravende gedachten. Zo werkt het inderdaad.

De thema’s zijn gegroepeerd in drie groepen: Leven met God, Leven met onszelf, en: Leven met anderen, die elk zeventien thema’s behelzen, met een inleiding over Levenskunst er aan voorafgaand.
Als je je na al zulke inleidende informatie vervolgens in de hoofdstukjes gaat verdiepen, val je van ene aangename verbazing in de andere. De titels van de hoofdstukken (geen vragen, zoals bij de catechismus) roepen natuurlijk een bepaalde verwachting of associatie bij de individuele lezer op, al zijn het algemene termen als: Verlangen, Luisteren, Veelkleurigheid, Vitaliteit. In de regel gaat de schrijver dan toch een andere kant op dan je verwacht, en weet door een onverwachte start meteen je aandacht te vangen; later wordt de situatie van het begin dan – zoals gezegd – in een breder kader gezet, waarbij een aantal verrassende citaten je vaak aan het denken zetten.

Het is verleidelijk om veel te citeren, maar ik houd het bij één voorbeeld, waarbij de samenvatting natuurlijk lang niet zo lekker leest als de werkelijke tekst: Bij Ambitie is het uitgangspunt de talentenjacht, bekend van de TV (Boer zoekt vrouw!), met wat daar allemaal aan vast zit; daarna gaat het over de goede (‘Too many people take second best’) en de slechte kanten van ambitie, uitmondend in het mensbeeld van de Heidelbergse catechismus, beginnend bij de mens als mislukkeling (de ‘ellende’) en eindigend bij het goed gebruiken van je talenten in dienst van Christus (de ‘dankbaarheid’). 
Een voortreffelijk en verrassend boek.