Liturgisch materiaal K(r)oningszondag

Een extra couplet voor het Wilhelmus

'couplet 16 voor het Wilhelmus'

Een land van klei en water
Van dijken duin en bos.
Hier droomt een mens van later
Hier zingt een mens zich los.
Niet meer klagen en zuchten
Maar naar een nieuw begin
Leven op goede geruchten
Dat geeft de toekomst zin.

 

 

Verhaal

Verhaal voor kinderen van 5 tot 105 jaar

De dromen die kwijt waren

Het feest was in volle gang. De nieuwe koning was nog maar net ingehuldigd. Hij zat op de troon met een glimlach die bijna zo groot was als die van de nieuwe koningin naast hem. Alle feestgangers zaten lekker te eten. De zaal gonsde van het gepraat en gelach. Ineens zwaaide de deur open. In de deuropening stond een minister. Zijn gezicht was helemaal bleek. De minister trilde zo, dat zijn brilletje haast van zijn neus viel.  'Sire,' zei de minister, 'we hebben iets ernstigs ontdekt, iets zeer ernstigs ... We zijn de dromen kwijt. Nergens in het land kunnen we nog dromen vinden.'

De nieuwe koning keek beteuterd. Het ging net zo lekker. De koningin greep zijn hand en zei: 'De dromen moeten ergens te vinden zijn. Laat iedereen gaan zoeken!' Zo gebeurde het. De ministers keken op de zolder van het paleis. De mensen thuis zochten in alle kasten en laatjes. De juffrouwen en de meesters zochten in hun klassen. De goochelaars keken in hun hoge hoed. Maar niemand vond de dromen terug.

's Avonds laat dronken de nieuwe koning en koningin nog een kopje thee voor het naar bed gaan. 'Wanneer heb jij voor het laatst gedroomd?' vroeg de koning. De koningin dacht na. 'Het is lang geleden, maar toen ik een klein meisje was, toen had ik nog dromen. In mijn kinderjaren droomde ik dat ik eens koningin zou worden.' De koning glimlachte: 'En nu ben je het.' Het bleef even stil. Ineens veerde de koningin op. 'Oh, we zijn een beetje dom! De dromen liggen niet op zolder of in kasten of in laatjes! Ik weet weer waar ze liggen! ... In onze kinderjaren, daar liggen ze!'

De koning begreep er niets van: 'In onze kinderjaren?' 'Wat deed je als kind graag?' wilde de koningin weten. 'Ik vond het leuk om te tekenen ... huizen met een schoorsteen en gordijntjes voor de ramen ... schepen ... vogels.' De koning vroeg verder: 'Waarom tekende je die?' De koning dacht even na: 'Ik tekende huisjes omdat ik verlangde naar gezelligheid en een thuis voor alle mensen, en schepen omdat ik verlangde naar verre reizen, en vogels omdat ik zo licht wilde zijn als een vogel.' De koningin maakte een sprongetje in de lucht van vreugde: 'Daar zijn je dromen, je dromen zijn wat je verlangde in je kinderjaren!' De koning keek verbaasd: 'Is het waar?' 'Ja,' zei de koningin, 'het is waar.'

De volgende ochtend vroeg werden alle ministers bijeen geroepen. De koning maakte bekend dat de dromen weer waren gevonden. Hij verklaarde plechtig: 'De dromen liggen in onze kinderjaren.' De ministers waren zo verbaasd dat hun brilletjes haast van hun neus vielen. 'Is het waar?' vroegen ze in koor. 'Het is waar,' antwoordden de koning en de koningin samen. 'Wie niet wordt als een kind, kan het land van de dromen niet binnengaan.'

Het werd een heel vrolijke dag, waarover tot op de dag van vandaag wordt gesproken.

 

Kroningsbede

Gebed voor de koning en de koningin

 

Wij danken U voor ons kroningspaar

Willem Alexander en Maxima,

dat zij bereid zijn de kroon te dragen.

Wij bidden hen heil en zegen toe.

 

Wij bidden ons kroningspaar toe:

dat zij met vreugde en veerkracht hun ambt vervullen.

Dat zij in vrede en met liefde hun werk mogen doen,

dat zo oog hebben voor het kwetsbare,

redding bieden aan de armen.

En daarbij Uw wijsheid en inzicht hun deel mag zijn.

 

Wij danken  u voor onze koningmoeder Beatrix,

die zo lang en toegewijd ons volk diende.

Dat haar opvolgers haar waardig moge zijn.

Zo bidden wij ook om zegen voor haar.

 

Wij bidden U, o Koning van het leven,

om een zegen over ons koningspaar.

Dat de toekomst hen mag dragen.

 

Amen